Zoiets

Als dan het stille van je blote voeten op de grond, of bijna,
onder je koude benen, zich krult om je tenen, niet bewegen,
zittend met je rechte rug naar de wereld,
en de wervels zich stapelen als een pilaar voor je smalle hals.

Waar je niet buigt, opzij,
je hoofd zo zwaar zal vallen, als,
laat je je handen naast je heupen,
leunen op het bed, zodat alles zo stil.

In het late licht door het raam,
dat aait, door los gevallen haar,
je daaronder ademt en blijft.

Zo moet pijn zijn, weggekropen,
waar je kijkt naar binnen als naar buiten
dat het zwijgt en tijd zich laat verstrijken.

 

[bloglovin_button]

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.